Made in China

Archief van juni 2010

Twee systemen, vijf stempels

29 juni 2010, 2:48 (China 10:48)

Ik ben aangekomen in Shenzhen, een stad in zuidoost China, tegen de grens van Hongkong aan. Het plan is om hiervandaan de komende dagen Hongkong te bezoeken.

Hongkong bestaat uit het gelijknamige eiland, het schiereiland Kowloon en de New Territories. Na de Opiumoorlog werd het Chinese keizerrijk in 1842 gedwongen het eiland Hongkong uit te lenen aan Groot-Brittanië. In 1860 werd daar Kowloon aan toegevoegd, en in 1898 de New Territories. De leaseperiode liep in 1997 af. Bij de onderhandelingen over de teruggave van Hongkong aan China was afgesproken dat Hongkong een Speciale Administratieve Regio zou worden, waarbij het bestaande sociale, economische en politieke systeem voor tenminste vijftig jaar in stand zou blijven. In Hongkong gelden dus andere wetten en regels dan op het vasteland van China: één land, twee systemen.

De twee systemen mogen dan wel één land zijn, je kunt niet zomaar van het ene systeem naar het andere reizen. Mijn hotel staat in socialistisch Shenzhen, vlakbij de grens met kapitalistisch Hongkong, hier gemarkeerd door een riviertje van nog geen honderd meter breed. Vanuit mijn kamer zie ik het grensgebouw. Na de paspoortcontrole door de Chinese autoriteiten steek je het riviertje over met een overdekte voetgangersbrug. Daarna volgt opnieuw een paspoortcontrole door de autoriteiten van Hongkong, die dus eigenlijk ook Chinees zijn.

Deze aanpak —overdag Hongkong, ‘s nachts Shenzhen— is mogelijk doordat ik een multiple entry visum voor China heb, wat betekent dat ik China onbeperkt mag inreizen. Voor Hongkong is geen visum nodig voor verblijf tot negentig dagen. Ik ben wat extra tijd kwijt aan het reizen tussen Shenzhen en Hongkong, maar dat weegt niet op tegen het geld dat ik bespaar op vliegtickets en hotelovernachtingen. Een ticket naar Shenzhen kost namelijk ongeveer eenderde van een ticket naar Hongkong, en voor hotels geldt dezelfde verhouding.

Het grensgebouw oogt als een treinstation, in het centrum van de stad, en in wezen is dat het ook. Na de paspoortcontrole kun je alleen het perron oplopen waarvandaan de trein naar het centrum van Hongkong vertrekt. Jaarlijks passeren hier bijna honderd miljoen mensen de grens. Het is de drukste grensovergang ter wereld.

Vasteland-Chinezen mogen Hongkong niet zomaar in- en uitreizen; ze hebben er een speciale pas voor nodig. Voor Shenzhenezen en Hongkongers die de grens vaak over moeten zijn er sluizen met toegangspoortjes. Het eerste poortje is te openen met een pasje. Met een scan van de vingerafdruk opent het tweede poortje.

Al met al heeft het wat absurds, een grens zo ‘midden in de stad’, en een grens die veel Chinezen niet zomaar over mogen, terwijl het aan de andere kant ook China is. En dan de enorme hoeveelheid stempels die ik deze week in mijn paspoort krijg. Als ik van Shenzhen naar Hongkong reis krijg ik drie stempels: China uit, Hongkong in, plus een stempel dat aangeeft hoeveel dagen ik in Hongkong mag blijven. Op de terugreis komen nog eens twee stempels bij: Hongkong uit en China in. Dat is vijf stempels per keer. Aan het eind van deze week ben ik zo’n twintig stempels rijker. Het is net de Expo, maar dan met kortere wachttijden.

(advertenties)

Expo-stempels

27 juni 2010, 4:26 (China 12:26)

Iemand die nietsvermoedend op het terrein van de Expo in Shanghai belandt, niet wetende wat een wereldtentoonstelling is, en op basis van het gedrag van de bezoekers zou moeten zeggen wat er gaande is, zou denken dat het om stempels draait.

Dagelijks bezoekt om en nabij een half miljoen mensen, bijna uitsluitend Chinezen, de Expo. Gisteren is een nieuw record gevestigd met 553.500 bezoekers. In de weken direct na de opening op 1 mei bleven de bezoekersaantallen nog ver achter bij de verwachting, met een dieptepunt van nog geen negentigduizend op 5 mei. Aanvankelijk leidde dat tot twijfels of het verwachte totaal aantal bezoekers van zeventig miljoen wel gehaald zou worden. Maar als het in het huidige tempo doorgaat komt men daar op 31 oktober, als de Expo sluit, zelfs ver overheen. De stand staat inmiddels op bijna twintig miljoen.

Een groot deel van de Chinese bezoekers loopt rond met een soort paspoort, dat te koop is voor 30 yuan (ongeveer € 3,60). Het doel is het paspoort te vullen met stempels, van elk land of paviljoen één. En voor sommige bezoekers lijkt dat ook meteen het enige doel te zijn: zoveel mogelijk stempels verzamelen.

Om de stempels te bemachtigen moet men wel het een en ander doorstaan. Met de nadruk op ’staan’. Voor sommige stempellocaties paviljoens staan lange rijen, met wachttijden oplopend tot negen uur. ’s Avonds zijn de rijen korter en zit er meer beweging in. Een deel van de bezoekers maakt van de kortere wachttijden gebruik om snel wat stempels te scoren. Eenmaal binnen spoed men zich dan naar de uitgang, alwaar het begeerde stempel wacht. Sommigen lopen rond met meerdere paspoorten, omdat men de taken verdeeld heeft met vrienden, of om de paspoorten uiteindelijk te verkopen. Want volle paspoorten zijn veel geld waard. Ze worden op internet aangeboden voor zo’n 5000 yuan, bijna € 600.

Xin, een bevriende Shanghainees, heeft de Expo één keer bezocht. Wat hem betreft blijft het daar bij: “Je moet uren wachten om een paviljoen binnen te komen, dan zie je een film op een groot projectiescherm, en tien minuten later sta je weer buiten.” En voor veel paviljoens is dat inderdaad waar het zo ongeveer op neerkomt: de bouwwerken zien er indrukwekkend uit, maar eenmaal binnen valt het tegen.

De bouwwerken maken wel veel goed, en qua inhoud zijn er ook zeker positieve uitzonderingen. Het Expo-terrein is ruim 5 vierkante kilometer en er is genoeg te zien. Helaas voor mij hebben lange rijen op menig Chinees een aanzuigende werking. Als de rij lang is, dan zal het het wachten wel waard zijn, zo redeneert men. Ik ben nu twee keer naar de Expo geweest, een keer overdag en een keer ’s avonds. Vandaag ga ik weer. Het is regenseizoen in Shanghai, waardoor het hemelwater soms de hele dag onafgebroken naar beneden komt. Vandaag lijkt zo’n dag te worden. Het onweert nu zelfs. Zou dat Chinezen wel afschrikken…?

Afhaalchinees

16 juni 2010, 10:06 (China 18:06)

Voorafgaand aan Qi’s migratie naar Nederland woonden we samen in Shanghai. Toen ik naar Shanghai vertrok zei ik dat ik mijn Chinees ging afhalen, daarmee een andere betekenis gevend aan de term ‘afhaalchinees’. Volgende week vertrek ik opnieuw naar China, deze keer voor twee afhaalchinezen: Qi’s ouders, die een maand bij ons op bezoek komen. Qi’s ouders zijn niet echt bereisd. En omdat ik graag naar de Expo in Shanghai wilde, hadden we bedacht een en ander te combineren.

Mijn reis begint op 22 juni, en gaat via Shanghai, Shenzhen/Hongkong, Nanjing en Hangzhou naar Shangyu, waar Qi’s ouders wonen. Op 15 juli vliegen we van Hangzhou, waarvan de luchthaven op zo’n 60km van Shangyu ligt, naar Amsterdam. Qi heeft vakantie als zijn ouders hier zijn en gaat niet mee. Ik moet het dus weer zonder mijn afhaalchinees stellen in China. En dat wordt nog lastig, zeker bij Qi’s ouders, aangezien zij alleen Chinees spreken en mijn Chinees nog niet je van het is.

Misschien moeten we met nummertjes gaan werken.

Inburgeren voor gevorderden

2 juni 2010, 11:30 (China 19:30)

Nu Qi is geslaagd voor het Staatsexamen NT2 heeft hij vrijstelling voor het inburgeringsexamen en heeft hij voldaan aan alle inburgeringsverplichtingen. Nu wilde ik weten hoe en wanneer hij wordt geregistreerd als zijnde ingeburgerd. Ik bel naar de gemeente.

“Bureau Inburgering, goedemiddag.”
“Goedemiddag, u spreekt met (…). Mijn partner is nieuwkomer en inburgeringsplichtig. Hij is geslaagd voor het Staatsexamen NT2. Hoe en wanneer wordt hij nu geregistreerd als zijnde ingeburgerd?”
“Wie is uw contactpersoon?”
“We hebben geen contactpersoon.”
“Waarom belt u ons dan?”
“Ehm… Omdat u verantwoordelijk bent voor de handhaving van de Wet Inburgering.”

Uiteindelijk krijg ik een mevrouw te spreken “die er meer van af weet”. Zij vertelt me dat de Dienst Uitvoering Onderwijs, na het slagen voor het Staatsexamen NT2, registreert dat iemand is ingeburgerd. Dat gaat vanzelf.

Een paar dagen eerder heb ik DUO al gemaild met dezelfde vraag. Na mijn telefoontje met de gemeente krijg ik antwoord:

Zodra u uw diploma hebt ontvangen van de afdeling Examendiensten NT2 kunt u een kopie maken. Deze kopie van uw diploma en een briefje met uw naam, adres en burgerservicenummer kunt u dan sturen naar het Servicecentrum Inburgering. Als wij deze gegevens binnen hebben kunnen we dit verwerken. Dit duurt ongeveer 4 weken.

Qi heeft van DUO deelcertificaten ontvangen. Deze deelcertificaten moeten aangetekend worden teruggestuurd naar DUO om ze om te wisselen voor een diploma. Nadat DUO het diploma aangetekend heeft opgestuurd, moet een kopie van van dit diploma dus weer worden teruggestuurd naar DUO. Zo ‘vanzelf’ gaat dat.

Omdat dit maanden gaat duren, besluit ik alvast contact op te nemen met de gemeente waarin we tot vorig jaar woonden, voor de vergoeding die ze ons in het vooruitzicht hebben gesteld. Ruim een jaar geleden schreef de oude gemeente hierover:

Bij verhuizing neemt de nieuwe gemeente binnen 6 weken na inschrijving contact met u op voor het inburgeringsonderzoek en binnen 4 weken nemen zij de beslissing of zij de voorziening overnemen of een alternatief aanbieden.
De kosten voor uw bestaande traject kunt u nog steeds bij de [oude gemeente] indienen.
Mocht u dit nog willen nalezen dan kunt u bovenstaande vinden in artikel 23, lid 4 van de Wet Inburgering.

De nieuwe gemeente heeft nooit contact met ons opgenomen, en van dat inburgeringsonderzoek is het nooit gekomen. De kosten voor de cursussen, het lesmateriaal en examen (bij elkaar ruim € 2100) moeten we dus bij de oude gemeente declareren.

Het is middag en ik bel. De afdeling blijkt alleen ’s ochtends telefonisch bereikbaar. De volgende ochtend bel ik weer. Na tig keer te zijn doorverbonden krijg ik iemand aan de telefoon die me vertelt dat er nog niemand van de afdeling aanwezig is. Ze geeft me het directe nummer van het Bureau Inburgering en vraagt me later terug te bellen. “Naar wie kan ik dan vragen?” “Ehm… Dat weet ik niet. Daar zitten wisselende mensen, van een uitzendbureau. Maar die weten wel wat van inburgering.”