Made in China

Archief van augustus 2010

Omgekeerde verbazing

17 augustus 2010, 16:40 (China 0:40 +1)

Ik herinner me mijn eerste bezoek aan een openbaar toilet in China nog. Dat was in de Verboden Stad in Beijing. Ik zie mezelf nog staan voor de ingang van het toilet, geld in de hand, zoekend naar een bordje met het tarief. Want hoeveel zou een plasje kosten in China? Een half uur eerder had ik voor een habbekrats een flesje water gekocht (ergo mijn nood), maar van het prijsniveau van de toiletten had ik nog geen idee. Zou daarvoor eenzelfde omrekenfactor gelden? Ik liet wat geld zien aan de beheerster van de wc’s, die daarop zwaaide met haar hand, gebarend dat ze het geld niet wilde hebben. Het toilet was, net zoals later bleek alle openbare toiletten in China, gratis.

Mijn eerste taxirit in China kostte iets van 18 of 19 yuan. Ik gaf 20 yuan en gebaarde dat het goed was zo. Maar tot mijn verbazing bleef de taxichauffeur zijn hand met wisselgeld (omgerekend zo’n 10 eurocent) naar me uitstrekken, ook nadat ik had gezwaaid op dezelfde manier als de mevrouw van de toiletten dat had gedaan. De verbazing bij Qi’s ouders was dan ook groot toen we hier uit eten gingen en een paar euro fooi achterlieten. Want in China doen ze niet aan fooi.

Qi’s ouders waren een maand in Nederland. Ze ervoeren het machteloze gevoel dat je hebt als je je niet verstaanbaar kunt maken, niets begrijpt van wat er om je heen gezegd wordt, en niets kunt lezen. Ze verbaasden zich over dezelfde dingen als ik tijdens mijn eerste bezoeken aan China, maar dan omgekeerd. Dat het hier zo rustig is, dat het verkeer zo geordend is, dat auto’s stoppen voor het zebrapad en nauwelijks toeteren, dat het zo schoon is op straat, dat winkels zo vroeg sluiten en op sommige dagen zelfs dicht zijn, en dat je in restaurants zo lang moet wachten op je eten (en dan toch nog fooi geeft!).

En zo zullen Qi’s ouders ook hun eerste openbare toiletbezoek in Nederland nog herinneren. “Moet je daarvoor betalen?! 50 cent?! Zo duur?!”

(advertenties)

Censuur

13 augustus 2010, 9:50 (China 17:50)

Qi’s ouders hebben —zoals de meeste Chinezen— weinig interesse in politiek. Ze houden zich er niet mee bezig omdat het iets is waar ze toch weinig of geen invloed op kunnen uitoefenen. Er zijn geen verkiezingen, en hoe de macht binnen de alleenheersende Communistische Partij wordt verdeeld is vooral een raadsel. Qi’s moeder is wel lid van de Communistische Partij, maar dat is ze vooral om pragmatische redenen. Zo komen partijleden bijvoorbeeld doorgaans in aanmerking voor betere banen.

Hoewel de politici niet democratisch worden gekozen, kan de Chinese overheid rekenen op veel steun onder de bevolking. Ruim vier op de vijf Chinezen geven aan zij hun overheid meestal of altijd vertrouwen. In alle Westerse democratieën is eerder het tegenovergestelde het geval. Maar, de criticus zegt dan natuurlijk dat de positieve Chinese cijfers het gevolg zijn van censuur en propaganda. Want als een Chinees het eens is met het partijstandpunt dan is hij gehersenspoeld, als hij het ermee oneens is dan heet dat een eigen mening.

Nederland staat vaak voorop als het erom gaat China te wijzen op het gebrek aan democratie en mensenrechten. En ondanks het gebrek aan interesse moest ik mijn buitenlandse gasten daarom toch wel iets van de Nederlandse parlementaire democratie laten zien. Daarom werd in de toer door Den Haag ook het Binnenhof opgenomen: de plaats waar het wijzende vingertje altijd vandaan komt.

Tegen het oude gedeelte van het Binnenhof staat artikel 1 van de Grondwet in marmer uitgehakt: “Allen die zich in Nederland bevinden, worden in alle gelijke gevallen gelijk behandeld. Discriminatie wegens godsdienst, levensovertuiging, politieke gezindheid, ras, geslacht of op welke grond dan ook, is niet toegestaan.” Ik zou daar mijn verhaal beginnen over het parlement. Op die plaats kijk je vanaf de straat door een glazen wand zo in de wandelgangen rond de plenaire vergaderzaal van de Tweede Kamer. Ik zou vertellen dat het glas openheid symboliseert, dat hier —anders dan in China— geen enkele partij de absolute macht heeft, en dat er voor nieuwe regeringen altijd coalities moeten worden gevormd door rechtstreeks gekozen volksvertegenwoordigers. En voor het gebouw van de Eerste Kamer zou ik dan uitleggen dat daar op dat moment in achterkamertjes wordt onderhandeld over een marionettenkabinet waar één man aan de touwtjes trekt een minderheidskabinet, met gedoogsteun van een vereniging met één lid partij die discrimineert en af wil van het gelijkheidsbeginsel.

Om het verhaal enigszins consistent en begrijpelijk te houden, heb ik een en ander uiteindelijk maar wat gecensureerd vereenvoudigd.

‘Guanxi’ en patat

8 augustus 2010, 18:08 (China 2:08 +1)

De cadeaus die Qi’s ouders mee terugnemen naar China hebben deels de functie van relatiegeschenk, bedoeld om sympathie te kweken bij vrienden, collega’s of anderen die mogelijk later iets voor hen kunnen betekenen. Want als je in China is gedaan wilt krijgen is het hebben van een goed netwerk vaak onontbeerlijk, of op z’n minst handig. Met cadeaus kun je de relaties binnen je netwerk versterken. Als je een Chinees een cadeau geeft, voelt hij zich verschuldigd je ooit een gunst te verlenen. Dat kan in de vorm van een dienst zijn, maar ook door invloed voor je uit te oefenen. Het principe, bekend als ‘guānxi‘, is verweven in de Chinese maatschappij.

Als wij naar Qi’s ouders gaan nemen we ook altijd spullen mee die zij vervolgens kunnen weggeven. Het gaat dan om typisch Nederlandse producten, producten die in Nederland van betere kwaliteit zijn, of in China niet of moeilijk verkrijgbaar zijn. Zo hebben we de afgelopen jaren onder meer wijn, melkpoeder, chocolade (kilo’s!) en stroopwafels naar China overgebracht.

Het is altijd lastig om iets typisch Nederlands te bedenken wat ook nog in de smaak valt bij de gemiddelde Chinees. Kaas en drop vallen daar bijvoorbeeld niet onder. Delfts Blauw ontstond als goedkoop alternatief voor het blauw-witte Chinese porselein, dus ja… Bloembollen? Chinezen hebben doorgaans geen tuin/balkon, of zien het nut van bloemen niet in. Klompen? Het geven van schoeisel wordt gezien als het opzeggen van de vriendschap; je wilt dat de ander vertrekt. En ga zo maar door.

De vraag wat er de komende keren mee moet naar China is na vorige week iets makkelijker te beantwoorden. In Parijs aten Qi’s ouders voor het eerst patat. De vele Westerse fastfoodrestaurants in China hebben ook Franse frietjes, maar Qi’s ouders eten daar nooit. Ze vonden het zo lekker dat ze daarna elke dag patat wilden eten. De dikke Belgische frieten op de terugweg waren nog beter dan de dunne Franse frietjes, maar uiteindelijk werd de Nederlandse patat het beste bevonden.

Aan het eind van de reis kon ik even geen friet meer zien, en vreesde ik voor de heerlijke Chinese gerechten die Qi’s ouders ons altijd voorschotelen. Want eenmaal terug in China wil Qi’s moeder patat gaan namaken. Het schijnt dat er deze keer al een frietsnijder mee teruggaat, en ik hoorde zelfs iets over een frituurpan die wij een volgende keer moeten meenemen. Voor relatiegeschenken lijkt voortaan geen plaats meer. Bij mijn ouders zag Qi een pak frituurvet liggen, met erop een foto van goudgebruinde patat. Hij keek naar de houdbaarheidsdatum en kreeg een ingeving. “Kijk,” zei hij tegen zijn moeder, “als je hier nu reepjes van snijdt, en je bakt deze in de olie, dan krijg je patat.”

‘Made in China’

7 augustus 2010, 11:50 (China 19:50)

China is het grootste exportland ter wereld, maar bij producten uit China bestaat het beeld dat ze vaak namaak of van inferieure kwaliteit zijn. Zheng, een vriend uit Beijing, vroeg me eens wat speelgoed mee te brengen vanuit Nederland voor zijn neefjes en nichtjes. De enige voorwaarde was dat het speelgoed niet in China gemaakt moest zijn. Dat bleek geen gemakkelijke opgave, want zeker voor speelgoed geldt dat bijna alles uit China komt.

Met een vriendin struinde ik speelgoedwinkels af. Op een gegeven moment riep ze blij: “Dit is niet in China gemaakt!”, op een volume dat ik het aan de andere kant van de winkel kon horen. Bij de rest van het winkelend publiek leverde dit wat verbaasde blikken op. De vreugde was echter al snel verdwenen toen ik haar uitlegde dat de afkorting ‘PRC’ staat voor People’s Republic of China.

Later vertelde Zheng me dat weliswaar op één verpakking niet stond dat het in China gemaakt was, maar dat het wel in minuscule lettertjes op het product zelf stond.

Zo inspecteren ook Qi’s ouders hun potentiële aankopen. En er moet behoorlijk wat gekocht worden. Naast de cadeaus voor vrienden, familie en collega’s heeft een aantal mensen geld meegegeven met de vraag iets voor hen te kopen.

Parijs, vorige week. We staan we in een dure parfumeriezaak op de Champs-Elysées. Als ik opmerk dat dezelfde Chanel no. 5 in China wellicht goedkoper is, en dat ik niet begrijp waarom ze het hier kopen, antwoordt Qi: “De Chanel in China vertrouwen ze niet. Die is misschien nep.”

Even later lopen we de luxe Louis Vuitton-winkel binnen, even verderop op de Champs-Elysées. Als Qi’s moeder hier iets wil kopen kost haar dat minimaal één maandsalaris. En daar heeft ze dan een minuscule portefeuille voor, met in grote letters ‘LV’ erop — dat dan weer wel. Het valt op dat er in de winkel veel Chinese toeristen rondlopen, die blijkbaar een grotere beurs hebben. Uiteindelijk kopen wij er niets. Qi’s moeder gaat wel op de foto, voor het pand, samen met haar namaak LV-handtas, made in China.