Made in China

Archief van de categorie 'Cultuur en gewoonten'

Verjaardagen

22 januari 2012, 10:28 (China 18:28)

Vorige week was ik jarig, morgen word ik 37, en over twee weken ben ik weer jarig.

Om met dat laatste te beginnen: 8 februari is mijn verjaardag volgens de Westerse kalender. De Westerse kalender is een zonnekalender, waarbij de positie van de aarde ten opzichte van de zon bepalend is. De verjaardag van vorige week was volgens de Chinese kalender, die is gebaseerd op de cyclus van de maan. Volgens de Chinese kalender begint een nieuwe maand bij nieuwe maan. Een Chinees jaar duurt ook twaalf maanden, maar omdat twaalf maanmaanden korter duren dan één zonnejaar, wordt eens per ongeveer drie jaar een schrikkelmaand ingevoegd.

Terug naar 8 februari 1977: mijn geboortedag. Volgens de Chinese kalender was dit de 21e dag van de twaalfde maand. Op 14 januari jongstleden was dit weer het geval. Mijn Chinese verjaardag dus. Maar een jaar ouder werd ik niet, want Chinezen tellen anders.

Het cijfer 0 werd ongeveer 1400 jaar geleden ‘uitgevonden’ door de Indiërs. Het idee werd overgenomen door de Arabieren en Perzen, maar niet door de Chinezen. Zij bleven het cijfer 1 als beginpunt hanteren. Daarom heeft een baby bij geboorte de leeftijd 1. De leeftijd gaat vervolgens niet met 1 omhoog op verjaardagen, maar op Chinees Nieuwjaar.

Het Chinese jaar begint bij de tweede nieuwe maan na de zonnewende in december (de kortste dag). Chinees Nieuwjaar valt daarom altijd tussen 21 januari en 20 februari. Dit jaar is dat morgen al, maar in 1977 pas dit pas op 18 februari. En zo kon het gebeuren dat ik tien dagen na mijn geboorte al 2 werd.

Morgen dus 37. Gelukkig over twee weken weer 35.

(advertenties)

De tragikomedie van coming out

2 juni 2011, 11:09 (China 19:09)

Vorige maand zijn Qi en ik geïnterviewd door de Wereldomroep. Nadat het artikel in het Chinees was gepubliceerd op de Wereldomroep-website werd het al snel opgepikt en overgenomen door vele Chinese homo-sites (als in ruim drie pagina’s zoekresultaten in Google).

Hier de Nederlandse vertaling van het originele artikel.
Lees verder

Qi naar ouders

16 april 2011, 4:36 (China 12:36)

Eergisteren is Qi naar zijn ouders vertrokken. Sinds aankomst in China, anderhalve week geleden, en ook de week daarvoor, had hij nog een aantal keer telefonisch contact gehad met zijn vader. Vader had het onderwerp homoseksualiteit slechts één keer aangesneden en tegen Qi gezegd: “Als je moeder erover begint moet je haar maar een beetje laten praten.” Verder ging het er niet over, en dat was wellicht ook de reden dat de verhoudingen zich wat leken te normaliseren.

Realiserend dat het beter was voelde het vreemd niet mee te gaan. Nadat Qi ’s ochtends was vertrokken bleef ik alleen achter Shanghai, in spanning wachtend op nieuws. Dat kwam aan het eind van de avond. Qi meldde dat vader zich normaal gedroeg, en dat er niet over homoseksualiteit was gesproken. Moeder was nog op haar werk en zou de volgende dag thuiskomen. Qi zag op tegen die ontmoeting. Hij had haar sinds zijn coming out nog niet gesproken. Tegelijkertijd was hij er nuchter onder: “Ik heb niks verkeerds gedaan.”

Moeder kwam thuis aan het eind van ochtend, en het onderwerp kwam daarna al snel ter sprake. Moeder heeft het er erg moeilijk mee en denkt nog steeds dat het een te genezen ziekte is. Vader lijkt het meer te accepteren, en probeerde moeder zelfs te overtuigen hetzelfde te doen. Hij bleek ook de websites met ervaringen van ouders met homoseksuele kinderen te hebben bezocht. Qi heeft samen met moeder een aantal video’s bekeken, waarin ouders vertellen hoe zij met de coming out van hun kinderen zijn omgegaan. Het is afwachten hoe het zich de komende twee weken verder zal ontwikkelen.

Uit de porseleinkast

3 april 2011, 11:28 (China 19:28)

Ruim een maand geleden. Qi belt met zijn vader. Buren van Qi’s ouders hebben een bedrijf en willen de buitenlandse markt betreden. Ze hebben vader gevraagd of wij hun vertegenwoordigers in Nederland willen worden. Qi en ik voelen daar niets voor, maar vader kan moeilijk ‘nee’ zeggen tegen de buren, bang om onbeleefd te zijn. In plaats daarvan probeert hij Qi te overtuigen het toch te doen. De buren hebben ons uitgenodigd voor een lunch, als we in april weer in China zijn. Of we dan ten minste op die uitnodiging in willen gaan. Ook dat zien we niet zitten, want dat zou alleen maar verwachtingen en verplichtingen scheppen. Volgens een Chinees gezegde bestaat er niet zoiets als een ‘gratis lunch’. Voor wat hoort wat. Na de lunch zou het alleen nog maar moeilijker worden om het verzoek van de buren af te wijzen.

Een verhitte discussie volgt. Inhoudelijk kan ik het niet volgen, maar ik hoor vader luid praten aan de andere kant van de lijn en ik merk dat Qi geïrriteerd raakt. Halverwege het gesprek vraagt Qi me: “Zal ik het hem vertellen?” “Wat…?” “Dat ik homo ben.” Ik kijk verbaasd. Qi had het er wel over gehad dat hij misschien in april uit de kast wilde komen. Maar dat was hij eerder van plan geweest. Ik moest het nog zien. “Beter niet. Dat kun je ze beter persoonlijk vertellen, en niet via de telefoon.”

De discussie gaat nog een tijdje door, maar het gesprek lijkt normaal te eindigen. Dan zegt Qi: “Ik heb het verteld.” Met de gedachte dat het gesprek volledig over de buren ging, vraag ik: “Wat dan?” “Dat ik homo ben!” Het duurt even voordat het tot me doordringt en ik de meest voor de hand liggende vervolgvraag stel: “Hoe reageerde hij?”

Lees verder

Omgekeerde verbazing

17 augustus 2010, 16:40 (China 0:40 +1)

Ik herinner me mijn eerste bezoek aan een openbaar toilet in China nog. Dat was in de Verboden Stad in Beijing. Ik zie mezelf nog staan voor de ingang van het toilet, geld in de hand, zoekend naar een bordje met het tarief. Want hoeveel zou een plasje kosten in China? Een half uur eerder had ik voor een habbekrats een flesje water gekocht (ergo mijn nood), maar van het prijsniveau van de toiletten had ik nog geen idee. Zou daarvoor eenzelfde omrekenfactor gelden? Ik liet wat geld zien aan de beheerster van de wc’s, die daarop zwaaide met haar hand, gebarend dat ze het geld niet wilde hebben. Het toilet was, net zoals later bleek alle openbare toiletten in China, gratis.

Mijn eerste taxirit in China kostte iets van 18 of 19 yuan. Ik gaf 20 yuan en gebaarde dat het goed was zo. Maar tot mijn verbazing bleef de taxichauffeur zijn hand met wisselgeld (omgerekend zo’n 10 eurocent) naar me uitstrekken, ook nadat ik had gezwaaid op dezelfde manier als de mevrouw van de toiletten dat had gedaan. De verbazing bij Qi’s ouders was dan ook groot toen we hier uit eten gingen en een paar euro fooi achterlieten. Want in China doen ze niet aan fooi.

Qi’s ouders waren een maand in Nederland. Ze ervoeren het machteloze gevoel dat je hebt als je je niet verstaanbaar kunt maken, niets begrijpt van wat er om je heen gezegd wordt, en niets kunt lezen. Ze verbaasden zich over dezelfde dingen als ik tijdens mijn eerste bezoeken aan China, maar dan omgekeerd. Dat het hier zo rustig is, dat het verkeer zo geordend is, dat auto’s stoppen voor het zebrapad en nauwelijks toeteren, dat het zo schoon is op straat, dat winkels zo vroeg sluiten en op sommige dagen zelfs dicht zijn, en dat je in restaurants zo lang moet wachten op je eten (en dan toch nog fooi geeft!).

En zo zullen Qi’s ouders ook hun eerste openbare toiletbezoek in Nederland nog herinneren. “Moet je daarvoor betalen?! 50 cent?! Zo duur?!”

(advertenties)

‘Guanxi’ en patat

8 augustus 2010, 18:08 (China 2:08 +1)

De cadeaus die Qi’s ouders mee terugnemen naar China hebben deels de functie van relatiegeschenk, bedoeld om sympathie te kweken bij vrienden, collega’s of anderen die mogelijk later iets voor hen kunnen betekenen. Want als je in China is gedaan wilt krijgen is het hebben van een goed netwerk vaak onontbeerlijk, of op z’n minst handig. Met cadeaus kun je de relaties binnen je netwerk versterken. Als je een Chinees een cadeau geeft, voelt hij zich verschuldigd je ooit een gunst te verlenen. Dat kan in de vorm van een dienst zijn, maar ook door invloed voor je uit te oefenen. Het principe, bekend als ‘guānxi‘, is verweven in de Chinese maatschappij.

Als wij naar Qi’s ouders gaan nemen we ook altijd spullen mee die zij vervolgens kunnen weggeven. Het gaat dan om typisch Nederlandse producten, producten die in Nederland van betere kwaliteit zijn, of in China niet of moeilijk verkrijgbaar zijn. Zo hebben we de afgelopen jaren onder meer wijn, melkpoeder, chocolade (kilo’s!) en stroopwafels naar China overgebracht.

Het is altijd lastig om iets typisch Nederlands te bedenken wat ook nog in de smaak valt bij de gemiddelde Chinees. Kaas en drop vallen daar bijvoorbeeld niet onder. Delfts Blauw ontstond als goedkoop alternatief voor het blauw-witte Chinese porselein, dus ja… Bloembollen? Chinezen hebben doorgaans geen tuin/balkon, of zien het nut van bloemen niet in. Klompen? Het geven van schoeisel wordt gezien als het opzeggen van de vriendschap; je wilt dat de ander vertrekt. En ga zo maar door.

De vraag wat er de komende keren mee moet naar China is na vorige week iets makkelijker te beantwoorden. In Parijs aten Qi’s ouders voor het eerst patat. De vele Westerse fastfoodrestaurants in China hebben ook Franse frietjes, maar Qi’s ouders eten daar nooit. Ze vonden het zo lekker dat ze daarna elke dag patat wilden eten. De dikke Belgische frieten op de terugweg waren nog beter dan de dunne Franse frietjes, maar uiteindelijk werd de Nederlandse patat het beste bevonden.

Aan het eind van de reis kon ik even geen friet meer zien, en vreesde ik voor de heerlijke Chinese gerechten die Qi’s ouders ons altijd voorschotelen. Want eenmaal terug in China wil Qi’s moeder patat gaan namaken. Het schijnt dat er deze keer al een frietsnijder mee teruggaat, en ik hoorde zelfs iets over een frituurpan die wij een volgende keer moeten meenemen. Voor relatiegeschenken lijkt voortaan geen plaats meer. Bij mijn ouders zag Qi een pak frituurvet liggen, met erop een foto van goudgebruinde patat. Hij keek naar de houdbaarheidsdatum en kreeg een ingeving. “Kijk,” zei hij tegen zijn moeder, “als je hier nu reepjes van snijdt, en je bakt deze in de olie, dan krijg je patat.”

‘Made in China’

7 augustus 2010, 11:50 (China 19:50)

China is het grootste exportland ter wereld, maar bij producten uit China bestaat het beeld dat ze vaak namaak of van inferieure kwaliteit zijn. Zheng, een vriend uit Beijing, vroeg me eens wat speelgoed mee te brengen vanuit Nederland voor zijn neefjes en nichtjes. De enige voorwaarde was dat het speelgoed niet in China gemaakt moest zijn. Dat bleek geen gemakkelijke opgave, want zeker voor speelgoed geldt dat bijna alles uit China komt.

Met een vriendin struinde ik speelgoedwinkels af. Op een gegeven moment riep ze blij: “Dit is niet in China gemaakt!”, op een volume dat ik het aan de andere kant van de winkel kon horen. Bij de rest van het winkelend publiek leverde dit wat verbaasde blikken op. De vreugde was echter al snel verdwenen toen ik haar uitlegde dat de afkorting ‘PRC’ staat voor People’s Republic of China.

Later vertelde Zheng me dat weliswaar op één verpakking niet stond dat het in China gemaakt was, maar dat het wel in minuscule lettertjes op het product zelf stond.

Zo inspecteren ook Qi’s ouders hun potentiële aankopen. En er moet behoorlijk wat gekocht worden. Naast de cadeaus voor vrienden, familie en collega’s heeft een aantal mensen geld meegegeven met de vraag iets voor hen te kopen.

Parijs, vorige week. We staan we in een dure parfumeriezaak op de Champs-Elysées. Als ik opmerk dat dezelfde Chanel no. 5 in China wellicht goedkoper is, en dat ik niet begrijp waarom ze het hier kopen, antwoordt Qi: “De Chanel in China vertrouwen ze niet. Die is misschien nep.”

Even later lopen we de luxe Louis Vuitton-winkel binnen, even verderop op de Champs-Elysées. Als Qi’s moeder hier iets wil kopen kost haar dat minimaal één maandsalaris. En daar heeft ze dan een minuscule portefeuille voor, met in grote letters ‘LV’ erop — dat dan weer wel. Het valt op dat er in de winkel veel Chinese toeristen rondlopen, die blijkbaar een grotere beurs hebben. Uiteindelijk kopen wij er niets. Qi’s moeder gaat wel op de foto, voor het pand, samen met haar namaak LV-handtas, made in China.

Schoonheidsideaal

25 juli 2010, 21:36 (China 5:36 +1)

Nu het regenseizoen in China is afgelopen, en de temperatuur er dagelijks boven de dertig, vaak tegen de veertig graden uitkomt, zijn Qi’s ouders blij dat ze in Nederland zijn. Het flatgebouw waarin ze wonen ligt tegen een beboste heuvel aan, wat wel enige verkoeling geeft, maar de hitte is en blijft drukkend.

Hun appartement had oorspronkelijk een balkon, maar dat is al vrij snel na de bouw bij de woonkamer getrokken, vanwege de extra ruimte. De muur tussen de woonkamer en het balkon is weggebroken, het hekwerk op het balkon is vervangen door een muur tot halve hoogte, en daarboven zijn schuiframen geplaatst. Bijna alle balkons in de flat zijn op soortgelijke wijze dichtgemaakt. En dat geldt niet alleen voor de flat waar Qi’s ouders wonen; overal in China is dit gangbaar. Alleen bij nieuwbouw is het tegenwoordig vaak verboden om het balkon dicht te maken, om esthetische redenen. Maar het is me een raadsel waarom er überhaupt balkons worden gebouwd in China, want Chinezen maken er toch geen gebruik van.

Afgelopen week zat ik dikwijls op het dakterras. Alleen. Ondanks dat de temperatuur buiten een stuk aangenamer was, verkozen Qi en zijn ouders het om binnen te zitten, achter de ventilator, met de jaloezieën dicht. En daar waar ik wel blij ben met een tintje, vermijden mijn afhaalchinezen de zon alsof ze er allergisch voor zijn.

Sinds Qi’s ouders hier zijn prijkt op het planchet boven onze wastafel een flacon whitening facial milk. Qi’s moeder gebruikt het om haar huid lichter te maken. Want volgens het Chinese schoonheidsideaal is de huid zo wit mogelijk. Een witte huid betekent dat je geld hebt, dat je niet buiten hoeft te werken. Verder staat een witte huid voor jeugdigheid. Aziaten krijgen sneller pigmentvlekken door de zon. Dus hoe ouder de huid, des te donkerder deze is.

Ik kan er nog niet blij van worden, als ik zo naar mijn melkflessen kijk.